Fantastische Vertellingen, nr. 67, jrg. 44, september 2023

€7,95
Artikelnummer: FV-67
Beschikbaarheid: Op voorraad
Levertijd: 1-2 dagen

In dit nummer vindt u korte verhalen van Charles van Wettum (De Eenzame Vaarder), Frank Roger (De man die eendollarmeisjes verzamelde), Miriam Ootjers (De wolven van de maan) Rob Geukens (De schreeuw in de ochtend) en Ruuf de Jong (Zwemmen).

Illustraties zijn van de hand van Marco Bezoet de Bie (omslagillustratie), Gert-Jan van den Bemd, MOZ, Peter Erhardt, Fred Hemmes en Ben van den Outenaar.

Daarnaast vindt u in dit nummer besprekingen van de hand van Johan Klein Haneveld, Charles van Wettum, Finn Audenaert en Guido Eekhaut. En de problemenrubriek Oxana's Oxymoron van Oxana Langbeen., alsmede een FV-essay van Paul van Leeuwenkamp (De stormachtige entrée van Charles van Wettum), en (daarnaast), ook van Paul van Leeuwenkamp, het derde deel van zijn Tijd voor geschriften. Het kan niet op, want er is zelfs sprake van een puzzel (met FRAAIE PRIJZEN!)

De omslagillustratie is van de hand van Marco Bezoet de Bie en het daarop gebaseerde omslagontwerp is gemaakt door Ingrid Heit.

In totaal 106 bladzijden op helderwit kwaliteitspapier, volledig in kleur!

In het tijdschrift is van alle gepubliceerden een korte, geïllustreerde bio-/bibliografie opgenomen.

U kunt dit tijdschrift uiteraard los kopen, indien u dat verkiest, maar een abonnement is véél voordeliger:

afm.: A5 (148mm x 210mm)
dikte: 188 blz.
gew.: 325 gram
uitv.: paperback, volledig in kleur
extra: bio-/bibliografieën van de gepubliceerden
| Charles van Wettum

Elke aflevering van Fantastische Vertellingen is voor mij een feestje. Veelzijdig, creatief, soms uitdagend en soms gewoon lekker ontspannend. Zowel het Meyvistisch Melodrama als Oxana maken me iedere keer weer nieuwsgierig, ze zijn steevast verrassend en vaak inspirerend voor nieuwe verhaalideeën.

Van de vervolgserie van Paul van Leeuwenkamp over de geschiedenis van Nederlandse SF-tijdschriften heb ik genoten, elke aflevering weer. De energie die de afgelopen decennia is gestoken (en nog steeds, met dank aan velen en zeker ook de redacteur van dit blad!) in het verspreiden van speculatieve verhalen is inspirerend en de manier waarop Paul de anekdotes brengt is aangenaam.

De boekbesprekingen vind ik als lezer een nuttig onderdeel, ik heb er al veel inspiratie voor te lezen titels uitgehaald. Ik lever zelf ook af en toe bijdragen omdat ik denk dat we op die manier samen de kwaliteit van onze genreverhalen kunnen verbeteren; betekenisvolle kritiek is dan nodig en nuttig – alleen maar juichverhalen helpen ons niet. In dit nummer van FV wordt een vele pagina's lange kritische noot gekraakt over de kunstmatige intelligentie in het eerste hoofdstuk van mijn eigen boekje 'De dokter in het donker' – het is strelend dat de auteur de tijd en moeite daarvoor neemt, ik waardeer dat bijzonder. Kritiek is goed, nuttig en ieder kan zich ermee verrijken. Prima, dus. Vooralsnog neem ik in ieder geval mee dat ik nog eens goed moet nadenken over de juiste mate waarin ik mijn darlings zou moeten killen.

De verhalen zijn voor mij elke keer het hoogtepunt.
Mijn eigen verhaaltje 'De eenzame vaarder' vond ik bij het nalezen wel aardig, maar zeker niet mijn beste.
Frank Rogers' 'De man die eendollarmeisjes verzamelde' heeft een heerlijk uitdagende titel en het verhaal stelt daarna ook al niet teleur. Er wordt een aangenaam vervreemdende spanning opgebouwd die... Nou ja, leest u zelf maar. Uit social media begrijp ik dat er op de achtergrond ook een namenspel speelt – ik ben benieuwd wie de uitdaging opneemt. Ik heb zelf geen idee.
In 'De wolven van de maan' van Miriam Ootjers wordt op een vlotte en af en toe amusante verteltrant de sprookjeswereld verbonden met de werkelijkheid. Het verhaal dwaalt wat, maar is voldoende luchtig om het te blijven volgen. De personages gingen voor mij niet leven, maar dat is in deze opzet ook eigenlijk niet mogelijk. Wel kreeg ik het gevoel dat de schrijver een boodschap heeft: 'de werkelijkheid die magie de nek omdraait', 'deze wereld kan wel wat meer magie gebruiken'. Is dat uiteindelijk de missie van de wolven? Of misschien die van de schrijver?
'De schreeuw in de ochtend' van Rob Geukens vond ik het meest geslaagde verhaal uit deze versie van FV. De ondefinieerbaarheid en subjectiviteit van de werkelijkheid, de vage overgangen tussen dromen en waken, de moeite om greep te krijgen op 'wat is'. Het spel wordt door de auteur goed gespeeld, compact beschreven, voldoende vaag en mooi bedreigend gehouden. Echt mooi!
Het verhaal 'Zwemmen' schetst een leven op de maan met een boeiende combinatie van dagelijkse ontspanning en existentieel gevaar. Hierin zou zich een prachtig verhaal kunnen ontplooien, helaas stopt het op het moment dat ik vol verwachting was... Ik hoop dat de Ruuf de Jong de mogelijkheid ziet om in deze wereld een langere verhaallijn met een mooie plot te componeren. Deze maanwereld leent zich er zeker voor.

De illustraties van zowel de cover als die bij de bijdragen zijn zoals altijd een aparte vermelding waard. Ik geniet er elke keer van: zo gevarieerd, vaak amusant. Ook deze keer weer was ik vol bewondering voor de illustratoren die de sfeer van verhalen in een enkele prent weten samen te vatten.
Al met al: een mooie nieuwe aflevering van een voor het Nederlandse genre waardevol tijdschrift. Met heel veel plezier gelezen en van harte aanbevolen.

| Miriam

Het verdient meer dan het predicaat 'tijdschrift'. Met zijn handzame, 'travelsized' uiterlijk heeft het meer weg van een boekje. Prettig leesbaar op de bank, in de trein of forenzend in de file. Een mooie combinatie van verhalen, boekbesprekingen, een vleugje geschiedenis, een essay en een probleemrubriek, het geheel fraai en divers geïllustreerd. Voor elk wat wils dus, om een cliché te gebruiken. En niet iets waar je in één avond doorheen gaat en vervolgens stof laat vangen op een plank.
Een mooie aanvulling op en uitbreiding van de wereld van het fantastiek, en alles dat zich daartoe aangetrokken voelt.

| Johan Klein Haneveld

Het gebeurt zo vaak dat ons geliefde kwartaalblad mij een of meer dagen later bereikt dan de andere abonnees dat ik vanmiddag stom verbaasd was toen ik het postvakje beneden aan de flat opende. Even daarvoor had ik namelijk op Facebook in een bericht van de grote roerganger Remco gelezen dat Fantastische Vertellingen die dag zou arriveren. Tegen mijn vrouw zei ik dat het voor ons zou betekenen dat we het blad later in het weekend pas konden lezen. Maar omdat we ook de 'Eppo' verwachtten, keken we toch wat er bij de post zat. En onder dat stripblad en een pakketje van Bol herkende ik de herkenbare vorm van een verzending van de Stichting! Een aangename verrassing en ik legde het boek waar ik juist aan was begonnen (Helliconia Winter van Brian Aldiss) opzij om meteen het nieuwe tijdschrift in te duiken. Dat stelt me ook in staat nog dezelfde dag een recensie te plaatsen. Veel eerder kan het niet! Maar ik heb een reputatie hoog te houden. Vandaar meteen na lezing mijn overdenkingen bij de 67e editie van Fantastische Vertellingen.
De kwaliteit van de illustraties was weer hoog, vond ik. Ze pasten ook goed bij de verhalen. Verder bevatte dit nummer weer enkele mooie besprekingen, waarvan er drie door mij waren opgesteld. Paul van Leeuwenkamp dook dieper in de geschiedenis van de 'fantastische tijdschriften' (dubbel op te vatten) in ons taalgebied met een rijkelijk geïllustreerd artikel. Een fascinerend stuk geschiedenis van het fantastische genre, maar wat me vooral opviel was hoeveel van de auteurs die destijds actief waren nog steeds schrijven (onder andere in Fantastische Vertellingen). Het wekt de suggestie dat er wel 'eendagsvliegen' zijn in de tussentijd, maar dat de auteurs die langdurig verhalen blijven produceren toch zeldzamer zijn. De andere bijdrage van Van Leeuwenkamp betrof de opkomst van auteur Charles van Wettum (die met een verhaal van zijn hand en twee verdere recensies voor zijn recente verhalenbundel een prominente plek had in deze editie). Ik had zelf als lezer enige moeite met de kritische toon van een deel van dit essay, dat wat mij betrof wat te dien inging op terminologie, gebruikt in één verhaal, zonder de maatschappelijke boodschap van dat verhaal te bespreken. Ja - het AI-gedeelte was misschien niet uiteengezet zoals een IT-er dat zou doen, maar naar wat ik begreep klopte de essentie wel - een lerend systeem (een 'neural net' dat zou functioneren analoog aan de neuronen in onze hersenen) krijgt informatie voorgeschoteld (b.v. allemaal afbeeldingen van longen waarin is aangegeven wat de kanker is en wat gezond weefsel). Vervolgens kan het in een nieuwe, niet gerelateerde foto, de kanker aanwijzen, omdat het heeft geleerd welke pixels op de foto passen bij de aanduiding 'kanker'. Maar waar het systeem precies op let bij het leggen van die verbanden (de kleur van de pixels? Andere eigenschappen?) weten we als gebruikers niet. Hiermee kan een AI dus leren diagnoses te stellen op basis van geleverde gegevens (bijv. dossiers van patiënten, röntgenfoto's). Wat interessant is, is hoe mensen reageren op een dergelijke innovatie. Als een AI minder vaak foute diagnoses zou stellen als een menselijke arts - raken dokters dan hun baan kwijt? Maar als er moeilijke keuzes moeten worden gemaakt - zouden we dan een AI vertrouwen en niet een mens? En als de AI het dan toch fout blijkt te hebben - wie draagt daarvoor dan verantwoordelijkheid? Ik vond dat het essay zich iets teveel concentreerde op de bomen en niet op het bos (maar dat was wellicht omdat het verhaal dat ook deed - zoals Van Leeuwenkamp suggereert - de technische details hadden ook weggelaten kunnen worden).
Dan de verhalen. De al eerder genoemde Van Wettum opent Fantastische Vertellingen met een aardig SF-verhaal met een leuke twist. 'De man die eendollarmeisjes verzamelde' van Frank Roger was amusant vervreemdend en vormde een geheel zonder per se antwoorden te verschaffen. Een verhaal zoals alleen Roger dat kan schrijven. 'De wolven van de maan' viel me wat tegen. Nu is dit volgens mij iemand die voor het eerst in FV publiceert en ook verder nog niet veel heeft geschreven. Het uitgangspunt was leuk, vond ik, maar de perspectieven waren soms verwarrend en ik vond de dialogen niet altijd soepel lopen. 'De schreeuw in de ochtend' van Rob Geukens was dan weer een leuk (of nou ja, leuk ...) verhaal over droom en werkelijkheid. Het slotverhaal 'Zwemmen' van Ruuf de Jong deed me glimlachen. Het had nog wat meer om het lijf mogen hebben - het was nu een wat simpel verhaal, maar omdat het wel het soort SF is waar ik van houd las ik het toch met plezier. De fantastische illustraties hierbij waren echt een goede toevoeging.
Al met al heb ik weer een aangename avond doorgebracht met Fantastische Vertellingen. En zoals altijd kijk ik weer uit naar de volgende edities!

3.65 sterren op basis van 3 beoordelingen